Biografie Frank Adam
Biografie Mafestival (2010)
Frank Adam schrijft romans, teksten voor theater en opera, poëzie, fabels en liederen, en maakt en speelt zelf theater. Niet zelden gaat hij daarbij intens in dialoog met de muziek.
Met Confidenties aan een ezelsoor blies hij het genre van de fabel voor volwassenen nieuw leven in.
Hij publiceerde zijn absurde fabels als literaire reeks in de kranten De Standaard en De Morgen, bundelde ze in meerdere Boeken, bewerkte ze voor Kunstencentrum De Werf Brugge tot literaire performance, muziektheatervoorstelling en liederencyclus, en voor klara tot radioluisterspel.
Zijn literaire ezel bracht hem als writer in residence naar de Villa Marguerite Yourcenar in Frankrijk, het Ventspils House in Letland en het Amsterdamse Schrijvershuis in Nederland, en bezorgde hem een opdracht van het Franse ruimtevaartagentschap Centre National d’Etudes Spatiales (cnes) en een redevoering in het Musée d’art moderne et contemporain in Straatsburg.
Voor Klara schreef en speelde hij de radioluisterspelen ‘Wat de ezel zag’ en ‘Erotische Fabels’. Als verteller was hij op Klara live te horen in het radioluisterspel ‘Pelgrims in Wenen’.
Als auteur leverde hij opera- muziektheater- en liedteksten voor de componisten Johan De Smet, Jan Van Outryve en Wouter Vandenabeele.
Als performer deelde hij het podium met componist Johan De Smet en het ‘Johnny Smet String Quartet’ olv Paul Klinck, ‘Les Voix Erotiques de la Belgique’ en ‘Orchestre Maboel’ olv dirigent Edwig Abrath; zangers Benoît De Leersnyder en Stefaan De Gand; cellisten Lode Vercampt en Lucie Darm (Frankrijk), pianofortespelers Tom Beghin en Erin Helyard (Australië), de Syrische componist Elias Bachoura en het ûd-ensemble Trio Qadmoyo; en pianist Philippe Ochem, directeur Jazzdor/Festival de Strasbourg (Frankrijk).
Werk van Frank Adam werd vertaald in het Duits, Noors, Frans, Lets en Italiaans.
www.frankadam.be
Biografie Kunstencentrum de Werf Brugge (2007)
Sinds 1992 schrijft Frank Adam theater- en operateksten, romans, poëzie, fabels en liederen. Zowel voor kinderen als volwassenen. Vaak brengt hij zijn werk zelf op scène.
In de literatuur voor volwassenen debuteerde Adam in het literaire tijdschrift Dietsche Warande & Belfort met het kortverhaal De Knikker van de Pelikaan, dat niet alleen werd bekroond met een Literaire Prijs van de provincie West-Vlaanderen maar ook met de Rabo-bank Lenteprijs voor het beste verhaal in alle Vlaamse en Nederlandse literaire tijdschriften.
Zowel zijn theaterdebuut Wakitchaga als zijn debuutroman Waterman (allebei uitgegeven door De Geus in resp 1992 en 1993) werden bekroond met de Prijs Letterkunde van de Provincie West-Vlaanderen. Wakitchaga werd in productie gebracht door Kunstencentrum De Werf.
Samen met oa Peter Verhelst, Jeroen Olyslaegers, Elvis Peeters, Bart Moeyaert en Anne Provoost werd Adam in de bloemlezing Jonge Sla (Meulenhoff/Kritak 1994) ondertussen gerekend tot een nieuwe generatie Vlaams literair talent. Zijn bijdrage De Kier werd bovendien gelauwerd door het literaire tijdschrift De Brakke Hond.
Zijn Midden-Oosten roman Sjirk, Boek aan de Hebreeën (Arbeiderspers, 1999) werd door Standaard der letteren geprezen als ‘een aanrader, die meer biedt dan de spanning van een thrillerachtig verhaal. Een duivels boek om stilletjes tussen de lakens te lezen. Het doet je huiveren, schateren en schipperen tussen gezonde verontwaardiging en ontwapenend doorzicht. …een sterk en tragisch relaas van broederliefde, een bijna bijbels leven in de kern van de politieke en filosofische spanningen tussen joden en Arabieren.’
Zijn theatertekst Cloaca (Blauwe Maandag Cie/Het Toneelhuis) werd door gewezen theatercriticus Wim Van Gansbeke geprezen omwille van ‘de superieure schrijfstijl van zowel de monoloog- als de dialoogvoering: levendig, direkt, helder, spetterend, extreem, strak en rijk geformuleerd, naar believen komisch en kritisch, ironisch en cynisch. Een stuk van een kwaliteit, die ik de jongste kwarteeuw in Vlaanderen niet meer heb ontwaard.’
In de kinderliteratuur debuteerde Adam opvallend met de poëziebundels Waarom ik altijd nee zeg en Mijn mond eet graag spinazie maar ik niet (uitg Querido, 2001 en 2002).
Op de vrt-jongerenzender Ketnet begeleidde hij in 2003 het Ketnet-groeigedicht Zoek me.
Samen met regisseur Rik Teunis maakte en speelde hij in opdracht van Kunstencentrum De Werf de kindertheaterproductie Mijn mond eet graag spinazie maar ik niet (2002-2004) en de kerstvertelling Wat de ezel zag (2003-2005). Beide producties werden door critici gerekend tot de beste theatervoorstellingen van het jaar. De tekst van Wat de ezel zag kreeg een premie van de Prijs Letterkunde van de provincie West-Vlaanderen 2006.
In het kader van 75 jaar radio bewerkten Adam en Teunis Wat de ezel zag tot een luisterspel voor Klara (2005). Voorjaar 2006 werd het in Amsterdam gepresenteerd op Grenzeloos Geluid, een radiofestival voor grensverleggende radio.
Adams adolescentenroman De Passie van de Puber (Uitg. Davidsfonds/Infodok), de lijdensgeschiedenis van de tragikomische tiener Jos, werd bekroond met de Prijs Knokke-Heist Beste Jeugdboek 2006 en wordt vertaald in het Noors en het Duits.
In opdracht van De Werf bewerkte hij het boek tot de theatervoorstelling De jongen die uit zijn lichaam viel, waarvoor hij een premie kreeg in de Prijs Letterkunde van de provincie West-Vlaanderen (2006).
Met Confidenties aan een ezelsoor heeft Adam het genre van de fabel voor volwassenen nieuw leven ingeblazen en brak hij door bij een ruimer publiek.
Zijn absurde fabels verschenen als literaire reeks in de krant De Standaard (2004-2005) en werden achteraf gebundeld door Davidsfonds/Literair met prenten van Klaas Verplancke. Voorjaar 2007 verscheen een tweede reeks in De Morgen, gebundeld als Boek Twee, De Wereld. Voorjaar 2008 volgt een derde erotische reeks eveneens in De Morgen.
Samen met componist Johan De Smet creëerde Adam de gelijknamige literaire performance Confidenties aan een ezelsoor (productie De Werf, 2005) en de liederencyclus Confidenties! (die op cd werd uitgebracht door De Werf en Davidsfonds/Literair).
Net zoals Wat de ezel zag en Mijn mond eet graag spinazie maar ik niet werd ook Confidenties aan een ezelsoor door critici gerekend tot de beste theatervoorstellingen van het jaar. De theatertekst kreeg een premie in de Prijs Letterkunde van de provincie West-Vlaanderen 2006.
De absurde fabel De therapeute, haar pijn en haar praktijk haalde najaar 2005 in een boekenbeursspecial van het tijdschrift Knack de Top-50 van de Beste Nederlandstalige kortverhalen ooit.
Najaar 2006 meldde Radio 1: ‘Een ezel met één oor verovert Vlaanderen!’
Voorjaar 2007 dook Adams ezel op in het vrt-journaal dat een item wijdde aan het fenomeen van de Confidenties.
Voor operamuziek van Johan De Smet schreef Adam ook het libretto Urt! (productie Anno ’02), dat werd bekroond met de Prijs Dramatische kunst w-vlaanderen 2006. De rol van verteller-ceremoniemeester vertolkte hij zelf vanop een paard.
Als tekstschrijver werkte Adam mee aan de cd’s Ik hoor je wel ik zie je niet (Jeugdboekenweek 2004, Stichting Lezen, muziek Jan Van Outryve) en Vensters (Davidsfonds/Eufoda 2003, muziek Wouter Vandenabeele, zang Eva De roovere).
Zomer 2006 was Adam als verteller te zien op het Festival van Vlaanderen in Pelgrims in Wenen, een muziektheaterproductie op tekst van de Canadese auteur Robert J. Litz. De voorstelling, met festivalster Tom Beghin en de Australiër Erin Helyard aan de pianoforte, werd live uitgezonden door Klara.
Najaar 2006 verscheen bij Davidsfonds/Literair Adams Egyptische dagboek De Caïro Cahiers.
April 2007 ging zijn kindertheatertekst De Zonen van Zurg in première in De Werf Brugge. Ze werd gespeeld door de gebroeders-acteurs Jo en Gert Jochems met theatermaker Jorre Vandenbussche als coach.
Januari 2007 ontving Adam de Zieta! Award 2006. Daarmee bekroonden de regionale tv-zenders focus-wtv de meest verdienstelijke West-Vlaming op het vlak van cultuur.